Seksisme, humor of vrije meningsuiting? – Vrouwen & Media

FacebookTwitterLinkedIn

Met de Internationale Vrouwendag op 8 maart staan we expliciet stil bij de rechten van de vrouw. Hoe staat het er op dat vlak voor in de media? Niet zo denderend, zo blijkt op de conferentie Vrouwen & Media (6 maart, Brussel), een initiatief van professoren en medewerkers van UGent en VUB. Prof. dr. Fabienne Brison (VUB) zat de sessie voor.

Waar zijn de vrouwen in de media? Op tv, in de kranten, online, in tijdschriften, en ook: waar zijn ze in reclame?

Waar zijn de vrouwen?

Neem nu de sport. Bij de VRT krijgt de kijker sinds 2005 al eens een Catherine Van Eylen te horen als sportanker, maar een vrouw als voetbal- of wielercommentator was tot voor kort ondenkbaar. Zelfs de vrouwelijke voetbal- en wielercircuits verslaan is een eerder recent fenomeen. Voorheen was het al mannen wat de klok sloeg: we keken mannensport, en we luisterden naar commentaar en analyse door mannen. Imke Courtois werd pas in 2015 van stal gehaald als commentator bij Sporza na herhaaldelijke klachten over de afwezigheid van vrouwen in de analyses.

Maar waar die vrouwen dan zijn in voetbalmedia – met uitzondering van een Imke Courtois –, dat is vooral in het publiek, of, zoals prof. dr. Dirk Voorhoof (UGent) tijdens het WK van 2014 opmerkt in De Standaard: vrouwen komen ook aan bod “als de Braziliaanse regie ‘tribune-babes’ in beeld brengt”. “Wie bezit het WK?”: een vraag die eigenlijk over het intellectueel recht gaat van sportevenementen, maar die Dirk Voorhoof als volgt beantwoordt. Mannen.

Uit de presentatie van Dirk Voorhoof: mannen worden als expert getoond, vrouwen als ‘tribune-babe’

Zo krijgen we een seksistische tweespalt van enerzijds de man met expertise en opinie, en anderzijds de vrouw die als leek luistert – of die als ‘babe’ geobjectiveerd wordt. ‘We weten allemaal beter’ kun je dan wel denken, maar dat ligt volgens dr. Valerie Verdoodt (LSE en UGent) toch anders: kinderen ontwikkelen genderrollen door imitatie van wat ze zien en wat ze ervaren. Dat hoeft geen bewust proces te zijn: wat we zien wordt onbewust ingeprent. Mannen weten en vrouwen luisteren. En die gewoonte gaat diep. Zo zei Catherine Van Eylen nog in De Morgen (2018): “De machocultuur zit bij ons in de muren. Het gaat over generaties heen en op een of andere manier wordt dat altijd versterkt. Met een mannelijke meerderheid wordt er ook in dat kader gedacht. Een vrouw die wielercommentaar levert? Dat is ondenkbaar. Laat staan dat een vrouw te horen zou zijn bij het mannenvoetbal”.

Het is nochtans niet zo dat er amper vrouwen zouden kijken. 40% van de kijkers naar het voetbal op de VRT is vrouw, bevestigt Dirk Voorhoof.

Expertise leidt tot intimidatie

Maar in de gevallen dat de expertrol wel is weggelegd voor een vrouw – wanneer bijvoorbeeld een experte wordt geciteerd in krantenartikels of ze als commentator deelneemt aan een analyse op tv – dan volgt veelal intimidatie. Dr. Sara De Vuyst (UGent) bevestigt dat slechts 19% van de experten genoemd in de media en maar 33% van de journalisten vrouw zijn. Als de journalistes kenbaar maken dat zij geïntimideerd worden, dan volgt victim blaming en minimalisering.

Ook in de creatieve tak van de mediawereld zijn dezelfde kleine aantallen van vrouwen te bemerken. Ilse Schooneknaep (VUB): “50% van de regisseurs die afstuderen is vrouw, maar er werken amper 9% vrouwelijke regisseurs in het vak”. Dat kan zeker beter: in Nederland is 33% van de actieve regisseurs een vrouw – nog steeds minder dan de helft, maar al betrekkelijk meer dan onze 9%. De erkenning tijdens filmfestivals wordt daardoor ook niet geholpen. Zulke kleine aantallen zorgen ervoor dat de blik op de wereld ook voor het leeuwendeel mannelijk is. De weergaven die bij onze kinderen binnenkomen blijven dus die vanuit een mannelijk gezichtsveld.

Een intersectionale aanpak is noodzakelijk” bij de strijd tegen dit soort achterstelling, zegt Dilara Asardag (VUB), want vaak is er bij seksisme eveneens sprake van racisme, homofobie en ga zo maar door.

Vrouwen in reclame: simplistisch

Valerie Verdoodt

Dat we wel beter weten dan de seksistische tweespalt die veelal getoond wordt, is met de huidige technologie nog ingewikkelder geworden. Waar we vroeger makkelijker een reclamespotje konden herkennen als reclame – en de eventuele korrel zout dus eenvoudiger te nemen was – ligt dat met de huidige nieuwe media een pak moeilijker. De manier waarop hedendaagse reclame getoond wordt, bijvoorbeeld op sociale media, zorgt ervoor dat “onze reclameskills niet altijd meer getriggerd worden”, zegt dr. Valerie Verdoodt.

Reclame wil zoveel mogelijk mensen bereiken”, vervolgt Valerie Verdoodt. Dat betekent dat de inhoud vaak zo algemeen mogelijk moet zijn, zodat zoveel mogelijk mensen zich erin kunnen herkennen. Dat kan leiden tot simplistische boodschappen, die generaliserend en stereotyperend werken: de vrouwen die zot zijn van mode of met het huishouden bezig zijn. Het werkt ook in twee richtingen: mannen die verantwoordelijk voor hun kroost aan het zorgen zijn maar bij de eerste blik van een lekkernij de kinderen volledig vergeten, met gevaarlijke gevolgen. “Dat gaat ook de omgekeerde stereotypering over vrouwen versterken”. Vrouwen zijn de verantwoordelijken, mannen kunnen niet voor de kinderen zorgen.

Uit de presentatie van Valerie Verdoodt

De Bickycampagne van oktober 2019 waarin een onechte Bickyburger wordt afgestraft met huiselijk geweld is een interessante case. In het creatieproces, zo zegt prof. dr. Liesbet Stevens (KU Leuven en Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen), heeft het beeld “heel wat stadia doorlopen, maar niemand die zei ‘Dit is niet oké’”. Dat is negatief. Maar de commotie heeft ook een positieve kant: “Ze hebben heel snel ingezien dat het niet oké was” na alle klachten en momenteel wordt er onderhandeld. Dat kon in het verleden al eens anders liggen, als men zich op het excuus ‘humor’ beriep. Mensen die erover klagen, hebben geen gevoel voor humor, klonk de verdediging dan.

Een bubble voor genderrollen

Niet alleen in de media, of aan de publiekszijde houdt seksisme gevaren in. Achter de schermen bestaat er een vicieuze cirkel van stereotypering. Werk je als vrouw in de creatieve wereld, dan word je makkelijker gepusht naar “pink portfolios”, zegt Valerie Verdoodt. Dat zijn die over haarproducten, cosmetica, mode, kinderen en andere stereotypen. Bij een volgende sollicitatie kijkt de werkgever naar je ervaring en beland je hoogstwaarschijnlijk opnieuw in de roze wereld.

Steek diezelfde stereotypen in big data en machine learning, en je krijgt Facebookalgoritmen die reclame op een specifiek gender gaan targeten zonder dat de adverteerder instelde dat een bepaald gender moest worden getarget. Bij een studie werden vacatures uitgestuurd via Facebook. Vacatures in de houtsector bijvoorbeeld bereikten veel meer mannen dan vrouwen, en vacatures voor kassamedewerker namen veel meer vrouwen in het vizier dan mannen. Een variant op de news bubble, gestuurd door een algoritme.

Is seksisme vrijheid van meningsuiting?

Liesbet Stevens (© IGVM)

Kunnen we seksisme verbieden wanneer het opduikt in de media of begeven we ons dan op glad ijs? De vrijheid van meningsuiting, hoewel een heilige koe, is in ieder geval geen absoluut recht volgens het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Dat bevestigt prof. dr. Liesbet Stevens. Bij haatspraak moet er eerst worden aangetoond dat de vermeende dader de intentie had om aan te zetten tot discriminatie. Een uiting van zulk een intentie is dan wel strafbaar, de drempel om dat te bewijzen is hoog.

En op het internet? Kom ik een seksistische post tegen op Twitter, wat dan? Het internet wordt tot de ‘drukpers’ gerekend, en de drukpers wordt in België gevrijwaard van censuur, om inmenging door de overheid tegen te gaan en publicatie van informatie te garanderen. Tot nu. Liesbet Stevens verwijst daarbij naar de Luikse rechtbank, die in een uitspraak de aanname verwierp dat het internet onder de drukpers zou vallen. Door dit unicum zal het Hof van Cassatie deze uitspraak nu verder bekijken en een oordeel moeten vellen over het wettelijke statuut van het internet. Afhankelijk van het oordeel kan dat grote gevolgen hebben.

De conferentie Vrouwen & Media mag aantonen dat er heel weinig vrouwen in de media opduiken. En als ze er wel zijn, dat ze dan geïntimideerd worden om hun expertise, hun analyse of hun opinie. Dat ze in bubbles geduwd worden, tegen wil en dank, en dat er op dit moment maar heel weinig te doen is aan alle obstakels. Vrouwen komen al van ver, maar er is nog een lange weg te gaan. Hoe meer Catherine Van Eylens, Imke Courtois en anti-stereotypische beelden van vrouwen, hoe beter.

Meer lezen