Internet of things en geconnecteerde objecten: welke marketingmogelijkheden? + CIM Internet: men kan niet naast mobiel internet kijken

FacebookTwitterLinkedIn
Space

Na lang wachten (meerdere jaren!) heeft het CIM eindelijk weer een referentiestudie over het profiel van het internetbereik (de trafiek-cijfers waren al beschikbaar). Deze nieuwe cijferbron toont onder meer het belang aan van de mobiele dragers (of de ‘niet-PC surfers’: het gaat over tabletten en smartphones) voor de toegang tot het internet. Voor de adverteerders is deze conclusie zeer belangrijk, zowel voor het gebruik van ‘owned media’ (een website moet vandaag ‘mobile compatible’ zijn; niet alleen Google hanteert deze regel) als voor het gebruik van ‘paid media’: een reclameboodschap moet zich aanpassen aan alle schermen, ook de kleinste…

 

In een notendop:

 

  • De internet-bereikgegevens voor januari 2015 zijn dus net openbaar gemaakt. We beschikken zo over de socio-demografische profielen van 440 websites, secties van websites en gegroepeerde websites (packages, regies, mediamerken,…). Deze studie is natuurlijk als zodanig al bruikbaar, maar ze moet nog worden vervolledigd en verbeterd: we beschikken nog niet over de ontdubbelde cijfers (deduplicaties) over de verschillende platformen (PC, smartphones en tabletten worden apart gemeten en gepubliceerd), de lijst van de gemeten websites is beperkt en sommige profielcriteria ontbreken nog (sociale groepen, leeftijd van de kinderen in het gezin,…).
  • Toch kunnen we vaststellen dat surfen op het internet via mobiele dragers naargelang de regio`s 29% (Noorden) en 24% (Zuiden) van het bereiksvolume van het internet vertegenwoordigt. Dat is dus niet het grootste deel van het volume, maar zeker ook niet verwaarloosbaar en het aandeel van mobiel surfen zal zeker nog groeien.
  • Het is geen verrassing vast te stellen dat het profiel van de surfers op mobiele dragers jonger is dan gemiddeld. De tabletten als toeganspoort tot het internet komen veel meer voor bij Nederlandstalige respondenten.
  • Voor de internetplanners is het gecombineerd gebruik van de drie bereiksbestanden (PC, smartphones en tabletten) zeker geen vereenvoudiging van hun taak: het is totnogtoe niet mogelijk de penetratie en de gededupliceerde dekking van een online mediaplan te kennen, anders dan willekeurig te besluiten dat de netto dekking overeenstemt met een van de drie platformen.